Home > analyse > Ook Ebru Umar is niet oneindig vrij
analyse

Ook Ebru Umar is niet oneindig vrij

De arrestatie van columniste Ebru Umar in Turkije heeft het debat over vrijheid van meningsuiting een nieuwe dimensie gegeven. Maar hijsen we de vlag van oneindige vrijheid niet wat te snel in top? Echte vrijheid kan alleen bestaan bij de beperking van diezelfde vrijheid.

De arrestatie van columniste Ebru Umar in Turkije heeft het debat over vrijheid van meningsuiting een nieuwe dimensie gegeven. Maar hijsen we de vlag van oneindige vrijheid niet wat te snel in top? Echte vrijheid kan alleen bestaan bij de beperking van diezelfde vrijheid.

In eerste instantie zal ieder weldenkend mens ageren tegen de arrestatie van een Nederlandse columniste in Turkije. Een land dat de persvrijheid al lang en breed heeft begraven. Daar kunnen we kort over zijn en daar wil ik het hier ook niet over hebben. Enkele dagen na de arrestatie van Ebru Umar schreef ik mijn eerste reactie op Facebook:

‘Ik zit toch wel met stijgende verbazing te kijken naar het debat rond Ebru Umar. Over haar arrestatie heb ik niets te zeggen. Ik weet niet wat de aanklacht is. Het is te vroeg om daar iets van te vinden. Wel weet ik dat de maximale straf voor belediging van de koning in Nederland hoger is dan belediging van een staatshoofd in Turkije. Maar dat terzijde.

Wat mij stoort is de onvoorwaardelijke en vaak ongenuanceerde steun met betrekking tot de vrijheid van meningsuiting. Velen denken dat die vrijheid, als grondrecht, geen beperking kent. Dat is onzin. Duizenden Nederlanders worden jaarlijks veroordeeld voor belediging, laster en smaad. Voor het uiten van hun mening. En dat is vaak meer dan terecht. Een grondrecht is niet onvoorwaardelijk. Er zijn beperkingen door de wet. In dit geval het strafrecht.

Het is buitengewoon gemakkelijk om te zeggen dat je alles maar moet kunnen zeggen. Het is alleen niet waar. Wat als ik zeg dat Ebru jonge jongetjes misbruikt? Of dieren? Wellicht een geit hier en daar. Op een kinderboerderij. Samen met die jongetjes. Zwaaiend met een hakenkruis? Is dat mijn vrijheid? Of misbruik ik dan mijn vrijheid om een ander te beschadigen?

Want dat is waar dit over gaat. Voor echte vrijheid voor iedereen heb je een zekere mate van beperking van diezelfde vrijheid nodig. Dat is niet wat ik zomaar bedenk. Dat staat in onze wet. Vergelijk het met verkeersregels. Je kunt menen dat je niet vrij bent als je voortdurend moet stoppen voor een rood verkeerslicht, maar in wezen is dat verkeerslicht slechts rood om een ander de vrijheid te geven om door te rijden. De beperking voor de een is de vrijheid voor de ander.

Een veroordeling voor een belediging. Het is de gewoonste zaak van de wereld. Sterker: daar worden jaarlijks duizenden Nederlanders om veroordeeld. En dat begrijp je pas als je zelf online het slachtoffer bent geworden van een malicieuze lastercampagne. Of slachtoffer van stalking, for that matter. Vergeet niet dat een vast onderdeel van stalking vaak laster is. Of smaad.

Tegenover een zinnige vrijheid van meningsuiting staat de plicht om met steekhoudende argumenten het debat te voeren. Mocht een ander je kritiek dan niet aanstaan, dan heb je alle recht om te klagen. Dan mag je de vlag van de vrijheid van meningsuiting met recht en rede in top hijsen.

Ik heb Ebru van alles zien twitteren. Over een piloot die een ‘volksheld zou kunnen worden’ bij het vervoeren van Erdogan. Over proosten op de dood van Erdogan. Ik heb hashtags gezien over een schijnbare wens om Erdogan te neuken. Van mij mag het allemaal. En of het strafbaar is, valt ook nog maar te bezien. Maar als je het doet, dan loop je het risico dat anderen daar anders over denken. Dat kun je niet leuk vinden. Maar dat is hoe een rechtsstaat werkt.

Het is misschien voor zelfbenoemde vrijheidsstrijders geen fijne boodschap: maar in een beschaafd land heeft recht op vervolging een steviger basis dan het recht op belediging. Om daar de voordelen van in te kunnen zien, moet je eerst zelf slachtoffer worden’.

Bijval

De post op Facebook kon op veel bijval rekenen. De kritische noot kwam van mensen die mensen dat we Ebru Umar te vuur en te zwaar moeten verdedigen. Daar valt best iets voor te zeggen, maar dat is niet het punt dat ik hier wil maken. Mijn punt is dat we anno 2016 nog steeds denken dat de vrijheid van meningsuiting absoluut en onvoorwaardelijk is. En dat is niet zo. De wet is daar heel duidelijk in. Lees bijvoorbeeld artikel 7 van de Nederlandse grondwet. ‘Voor het openbaren van gedachten of gevoelens….heeft niemand voorafgaand verlof nodig wegens de inhoud daarvan, behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet’.

Het lijkt maar een klein zinnetje, maar het is wel precies waar het om gaat. In de wet staat al letterlijk de beperking van het vrije woord. Je mag alles zeggen, maar wel binnen de kaders van de wet. In dit geval het strafrecht, waar belediging, laster en smaad gewoon strafbaar is gesteld. Uiteraard komt die wet pas na het strafbare feit. Het recht kan ook een moord niet stoppen. Slechts achteraf bestraffen.

De wet is ook bepaald geen dode letter. Ik zou hier zonder enige moeite honderden verhalen neer kunnen zetten over de veroordelingen die wekelijks worden uitgesproken om misbruik van het vrije woord in te kunnen dammen. Ik laat het echter bij een enkel verhaal.

Ontmoet Niek. Een door het leven getekende oude man met een missie. Hij heeft de overtuiging dat zijn huurbaas corrupt is. Eigenlijk dat de hele wereld corrupt is en vol zit met pedofielen die jongens misbruiken. Niek begint een weblog waar hij zijn huurbaas en al zijn medewerkers met naam en toenaam wegzet als crimineel en corrupt. Hij vergelijkt ze zelfs met de terroristen die verantwoordelijk waren voor de bloederige aanslag op Charlie Hebdo in Parijs.

Vrijheid van meningsuiting, zou u wellicht kunnen zeggen. Maar daar dacht de huurbaas toch anders over. Niek werd te verstaan gegeven dat zijn vrijheidsuiting schadelijk is voor anderen. Mannen en vrouwen die gewoon hun werk doen en ageren tegen een man die voor overlast zorgde in het woonblok van de organisatie en zelfs aanliep tegen een aangifte wegens mishandeling.

De rechter was het al snel met de huurbaas eens. Hij zag uiteraard het zwaarwegende belang van Niek om zich te kunnen uiten, maar ook het belang van mensen die niet zitten te wachten op schadelijke leugens die maar bleven neerdalen. Niek kreeg de gelegenheid om zijn weblog te censureren, maar dat deed hij niet. Zijn oneigenlijke strijd was niet meer te stoppen.

Straf

Voor Niek was de straf zwaar. Hij werd zonder omwegen uit zijn huis gezet en kreeg forse dwangsommen voor de toekomst. Omdat voor Niek zijn strijd en zijn vrijheid om zijn mening overal neer te kunnen zetten belangrijker is dan rechtvaardigheid en het belang van anderen, staat de teller inmiddels op een ‘boete’ van 12.000 euro. Zo kunnen louter woorden van een oude strijdbare man een dakloze zwerver maken met een flinke schuld. Gewoon in Nederland.

De vrijheid van de een is de beperking van de ander. In het debat rond Ebru Umar is dat wat veel mensen vergeten. Ironisch gezien zit er iets van hypocrisie in het gedrag van sommige mensen die Umar zo hard in deze kwestie verdedigen. Het zijn namelijk soms exact dezelfde mensen die nog steeds beweren dat de kogels die een einde maakten aan het leven van politicus Pim Fortuyn van links kwamen.

De theorie was duidelijk. Omdat linkse politici de provocerende ramkoers van Fortuyn in felle bewoordingen aanvielen, werd een linkse moordenaar geboren. Ineens waren woorden een oneigenlijk doel geworden om in de politieke arena te strijden. De vrijheid van linkse politici was ondergeschikt geworden. Opeens kwam blijkbaar het besef dat je toch niet alles kon zeggen zonder consequenties. Sterker: er was zomaar een koppeling tussen woorden en de verantwoordelijkheid voor de dood van een ander. Die gedachte leeft overigens nog steeds. Luister maar naar PVV-voorman Geert Wilders. Opvallend genoeg iemand die opnieuw door dezelfde mensen bij tijd en wijle op het schild wordt gehesen ‘omdat hij zo goed zegt wat iedereen denkt’.

Begrijp mij goed. Ik vind dat je heel erg veel moet kunnen zeggen in het debat. Dat recht heeft een ieder. Maar mag een ieder dan ook de plicht op zich nemen om het debat met steekhoudende en beschaafde argumenten te voeren?