De vriendin van Johnny B.

 

Het vonnis in de zaak Johnny B. (brandstichting ’t Zandt) duurde een kleine drie kwartier. Zittingszaal 14 van de rechtbank in Groningen stroomde om 13.00 uur vol met pers, belangstellenden en familie en bekenden van B. Een drukte van belang voor de doorgaans zo rustige zittingszaal.

Rechter Edzard van Weringh sprak de mensen van achter de brede tafel van het recht toe. Het vonnis losjes in zijn handen. Af en toe keek hij de zaal in terwijl hij sprak. Ik vroeg me daf of hij de avond ervoor thuis nog even heeft geoefend. Voor de spiegel. 

Zijn twee collega’s deden er zoals te doen gebruikelijk het zwijgen toe en zaten met de handen gevouwen, bijna devoot, erg neutraal voor zich uit te kijken. Aan ons valt niets af te zien, ook al weten we de afloop wel.

Officier van justitie Johan Severs zat in zijn toch wel typische houding achter zijn tafeltje. Ditmaal wel op zijn stoel. Een beetje achterover, schuin naar boven kijkend.

Om 13.04 ga ik op publieke tribune zitten. Helemaal achteraan. Links van mij zit de vriendin van Johnny B. In bescheiden tranen. Op nauwelijks twee meter afstand van haar, aan de andere kant van het gangpad, zitten twee rechercheurs. In burger, maar zoals altijd makkelijk te herkennen. Nog weer verder een hoge baas van de politie. De beste man kon zich tijdens de inhoudelijke behandeling van de zaak al nauwelijks beheersen en zat soms opgewonden commentaar te geven op de voorstelling. Nu lijkt hij gespannen.

De vriendin van B. heeft in haar linkerhand een papieren zakdoekje, al wat nattig bij binnenkomst. Het zakdoekje gaat geregeld naar de betraande ogen. De rechercheurs lijken op hun beurt onaangedaan en verwachtingsvol. De hoge pief wat onrustig.

Naarmate de rechter vordert in zijn oordeel, zie je de aanwezigen veranderen. Bij elke bewezenverklaring sluit de vriendin van B. teleurgesteld haar ogen. Alsof ze het slechte nieuws buiten wil sluiten. Soms kijkt ze gekweld naar het plafond en schudt ze zachtjes haar hoofd. In ongeloof. De wereld begrijpt het niet.

De rechercheurs blijven onaangedaan bij de vele vrijspraken. Slechts de armen worden voor de borst geslagen, om stilletjes aan te geven dat ze het er niet mee eens zijn. Bij een bewezenverklaring kijken ze elkaar even aan. Triomfantelijk is een groot woord, maar de glimlach spreekt boekdelen.

De vriendin begroet elke vrijspraak met een bevestigend knikje. Natuurlijk kan dat niet bewezen worden, dat is toch logisch, lijkt ze te denken.

En dan valt de straf. Twee jaar, waarvan negen maanden voorwaardelijk.

Johnny B. neemt de rode en vochtige ogen van zijn vriendin over. Huilend valen ze elkaar in de armen. Een verschrikkelijk cliché, maar ik kan er niets anders van maken. Zo ging het. Minutenlang blijven ze zo staan, terwijl de zittingszaal leegloopt.

Toch een veroordeling.

Delen

Geef een antwoord