Home > analyse > Een baksteen als online wapen
analyse

Een baksteen als online wapen

Op 12 september 2019 vloog er met donderend geraas een baksteen door het dubbele glas van mijn keukenraam. Op de voordeur zat een briefje met de mededeling dat ik mijn sociale media moest verwijderen, anders zouden ze terugkomen. Een vervelend en intimiderend incident, maar blijkbaar ook een aanleiding voor bepaalde mensen (zoals Jan Dijkgraaf) om hier een slaatje uit te slaan.

Het navolgende verhaal had ik eigenlijk helemaal niet willen schrijven. Dingen gebeuren, daar heb je mee te dealen, het leven gaat weer door en je moet kwaadwillende roeptoeters nooit een podium geven. Maar door de aperte en herhaalde evidente leugens van onder meer Jan Roos en Jan Dijkgraaf, ben ik van mening veranderd. Met name door mijn toenemende verbazing over hoe intrinsiek slecht mensen kunnen zijn als het gaat om het leed van een ander.

Geraas

Het is 12 september, rond een uur of elf in de avond. Mijn vriendin en ik doen de lampen uit in de woonkamer en we gaan de trap op naar de eerste verdieping. Na tien minuten liggen we in bed. Alle lichten zijn dan uit. Een minuut of vijf later klinkt er een donderend geraas in de keuken. We schrikken op, haasten ons uit bed en lopen de trap af naar beneden. De keukenvloer ligt bezaaid met glas, een meter of vijf de woning in ligt een baksteen. Mijn vriendin is zichtbaar overstuur. Ze wil zo snel mogelijk het huis uit.

Op dat moment denk ik nog dat een inbreker een poging heeft gedaan om binnen te komen. Dat is een bekende tactiek van inbrekers, eerst met veel kabaal een steen naar binnen gooien en als er niemand reageert kun je je slag slaan. Ik denk er verder nog niets bij. De vriendelijke mevrouw van de meldkamer zegt dat de politie niet zal komen, er is immers geen signalement.

Dat wordt anders als ik ontdek dat er op de voordeur een papiertje is geplakt. Met de best wel intimiderende boodschap dat ‘we’ terugkomen als ik mijn sociale media niet verwijder. Die vondst maakt de situatie ook voor de politie anders. Binnen enkele minuten staan er twee agenten in de woonkamer. Als ik ze vertel dat ik met enige regelmaat serieus word bedreigd via sociale media en over de mail, vragen ze zich af waarom ik niet eerder aangifte heb gedaan. Ze drukken mij op het hart om dat voortaan wel te doen. Zeker als er een verdachte situatie is rond mijn huis.

‘We grendelen dan meteen de buurt af, dan kunnen we, zeker op dit tijdstip, iedere auto aanhouden en mensen ondervragen’.

Ik kijk de agenten wat glazig aan en denk er op basis van eerdere ervaringen en aangiftes het mijne van. Je leert al snel dat je er meestal alleen voor staat. Ik had daarom ook al snel een foto van de dreigbrief gemaakt en op Twitter gezet, met de boodschap dat ik zeker niet van plan ben om te zwichten voor dit soort leeghoofdige terreur. Soms is zwijgen geen optie.

Doodsbang

Als de agenten weg zijn, blijf ik achter met een doodsbange vriendin. Bij ieder geluid zie ik haar ogen groter worden. Ze wil zo snel mogelijk verhuizen en durft niet meer naar bed. Vanaf dat moment branden de lampen in ons huis dag en nacht. De dagen die volgen staan in het teken van de baksteen. Burgemeester Femke Halsema belt, de minister van Justitie en Veiligheid hangt aan de telefoon. Vier talkshows willen weten of ik die avond mijn verhaal wil vertellen (nee, dat wil ik niet).

De wijkagent komt die week langs op haar fiets en vertelt dat ons huis wordt opgenomen in het toezicht (u begrijpt dat ik tot op de dag van vandaag verder niet zal vertellen hoe dat toezicht geregeld is). Onze mobiele telefoons worden gekoppeld aan de meldkamer, zodat bij een noodtelefoontje meteen duidelijk is wat de voorgeschiedenis is. De hoofdredacteur van het Algemeen Dagblad belt bezorgd op, de organisatie #PersVeilig wil meteen weten of er iets gedaan moet worden.

Zelf installeer ik voor een flinke smak geld bewakingscamera’s en floodlights aan de gevels van ons huis. Uiteraard doe ik aangifte, de recherche neemt het hoog op en neemt de baksteen en de dreigbrief mee voor sporenonderzoek. Namen van mensen die mij ooit bedreigd hebben worden doorgegeven. De buurt merkt al snel dat er opvallend veel politie door onze straat rijdt. Een buurman die net even te lang in zijn auto zit naast ons huis, krijgt meteen een agent op zijn dak.

Avonddiensten

In de weken na het incident kan ik geen avonddiensten draaien voor het Algemeen Dagblad. Mijn rooster wordt dan ook in samenspraak met mijn directe chef omgegooid. Mijn vriendin is te bang om alleen achter te blijven. Ze is zelfs zo angstig dat ze fysiek misselijk wordt als de duisternis invalt. Een week lang staat er dan ook een emmer naast haar kant van het bed.

Het incident blijft onder onze huid zitten. De eerste weken zitten we voortdurend op de camerabeelden te kijken wie er langs ons huis loopt. Ik kan niet zeggen dat ik snel bang ben en dat is ook nu niet het geval, maar vervelend is het wel. Zeker als je op een gegeven moment merkt dat iemand op een scooter het huis opvallend belangstellend in de gaten houdt. De politie krijgt de beelden, veel meer kan ik ook niet doen.

Hoewel deze gang van zaken uiterst betreurenswaardig is en een best wel intimiderende inbreuk op je privé-leven, komen de echt kwaadaardige elementen van deze gebeurtenis op een andere manier onze richting op. Ik heb altijd het standpunt ingenomen dat je geen aandacht moet schenken aan dit soort waardeloze en laaghartige aanvallen op je integriteit, maar voor mij is nu wel een grens bereikt.

Eerst is er het shockblog GeenStijl dat een stuk publiceert waarin de schuld voor het hele gebeuren op een malicieuze manier indirect bij mij wordt gelegd. Op een ‘subtiele’ manier wordt in het stuk verwerkt dat ik vrouwen lastig zou vallen in de dm van Twitter. Een onware opmerking die nog stamt uit de tijd dat Annabel Nanninga deze flagrante leugen mocht publiceren op GeenStijl (ik heb ooit eens op Twitter gevraagd of deze ‘lastiggevallen’ vrouwen even naar voren willen komen. Uiteraard bleef het stil. Ik wacht nog steeds).

Daar bleef het niet bij. De bekende publicist Jan Roos begon op Twitter aan een ieder die het maar horen wilde te vertellen dat ik de baksteen zelf heb gegooid. Toen ik hem in een privé-bericht vroeg te stoppen met deze evidente laster, plaatste hij die berichten in een column op het blog Saltmines. Veel lager kun je niet zinken. Een klacht van mij bij de Raad voor de Journalistiek kwam terug met de mededeling dat Saltmines volgens de Raad niet valt onder journalistiek. Mijn aangifte tegen Roos wegens laster loopt nog.

Jan Dijkgraaf

Zeer recent kwam daar een ‘Briefje van Jan’ bij, waarin de kobold uit Eesterga naar aanleiding van de bedreiging van een bakker (die van de chocoladesoes) insinueerde dat ik de bedreiging met de baksteen zelf had verzonnen. De man die het ooit een goed idee vond om in vuilnisbakken van politici te graaien, wist vanaf de bank op het Friese platteland natuurlijk perfect hoe het ruim 100 kilometer verderop was gegaan.

Het paste precies in de obsessie die Jan al jaren met mij heeft, zo plaatste hij ooit buitengewoon vals een linkje naar pedofilie in een van de zeker vijftien briefjes die hij al over mij schreef of waarin ik zijdelings werd genoemd. In een ander briefje liet hij een verkrachtingsfantasie op mij los.

En het waren niet alleen de meer of minder bekende Nederlanders met een groot bereik op sociale media. Afgelopen Kerst kreeg ik van complotdenker Micha Kat een triomfantelijk sms’je. ‘Merry baksteen!’ Andere ‘bezorgde burgers’ wisten mij op Facebook treiterend te melden dat ze wel even langs zouden komen en ‘op dit moment’ langs mijn huis reden. Op het veel geprezen internet viel te lezen dat mensen ‘de volgende baksteen’ graag zouden willen financieren. Mensen twitterden vrolijk mijn thuisadres in het rond.

Uiteraard waren de volgelingen van Jan Roos en Jan Dijkgraaf er als de kippen bij om de leugen verder te verspreiden. Ik heb het hier wel vaker gezegd, kritiek op mij is prima. Kom maar met sterke en goed onderbouwde argumenten om aan te tonen waarom stellingen die ik inneem niet kloppen. Ik ga daar graag op in.

Maar ik heb een broertje dood aan het willens en wetens kwaadaardig liegen in een poging om een ander in een kwaad daglicht te stellen. Het is goedkoop en zegt iets over het karakter van deze mensen. Of eigenlijk: over het ontbreken van karakter. Simpel niet in staat om op een volwassen manier een ‘tegenstander’ het hoofd te bieden, maar gemakzuchtig ‘scoren’ met het leed van een ander. In de volle wetenschap dat wat je zegt niet klopt.

Contact

Uiteraard zocht ik zelf contact met Jan Dijkgraaf. In een appje vroeg ik hem waarom hij het middel laster als wapen gebruikte. Er kwam geen reactie. De man die overal een mening over heeft en dagelijks mensen die anders denken dan hij moraliserend de maat neemt, zweeg ineens in alle talen. Het is natuurlijk ook makkelijker om je volgelingen een aantoonbare en valse leugen op de mouw te spelden, dan om verantwoording af te leggen voor wat je zo gemakkelijk even online kwakt.

Voor mij is het vrij simpel. Wie de leugen gebruikt om een ander te bestrijden, erkent zelf niet meer te beschikken over de rede. Over argumenten. Over enige vorm van beschaving en integriteit. Natuurlijk zal dat Jan Dijkgraaf worst zijn, hij heeft weer wat likes te pakken van rancuneuze mensen die hem blind adoreren omdat Jan ‘durft te zeggen wat anderen niet zeggen’.

Maar iets durven te zeggen, dat kan ik ook. Dus beste Jan, je hebt met je recente briefje weer eens aangetoond dat je niets meer bent dan een goedkope en laaghartige lasteraar. Een onvolwassen man die de leugen heeft omarmd als een kwaliteit en pompeus brengt als ‘buttkicken’. Op zoek naar de aandacht die je met doorwrochte stukken niet kunt krijgen. Je bent een laffe volksmenner geworden die louter op papier geheel in dienst staat van een meute kwaadwillende individuen die niets liever wil dan te genieten van het leed van een ander. Voor die mensen verzorg jij de munitie. Voor die mensen trek je even snel een geel hesje aan als een fotograaf ‘toevallig’ in de buurt is.

Voor die valse tactiek kan ik alleen maar diepe minachting voelen.

Toch zou ik je iets willen vragen. Als ik deze bedreiging van mij en mijn gezin zelf zou hebben bedacht, dan heb ik meerdere strafbare feiten begaan. Als ik het zelf zou hebben gedaan, moet je al snel denken aan vernieling van andermans eigendom en het doen van een valse aangifte. Ik daag je bij deze uit om voor eens in je leven te staan voor wat je zegt en aangifte tegen mij te doen. Bel de recherche in Amsterdam op en eis dat ze werk van maken van deze in jouw ogen kwalijke gang van zaken.

Wees eindelijk eens een keer een kerel in plaats van een valse en nietszeggende makelaar in leugens.

Waardeer dit artikel!!

Als je dit artikel waardeert en je waardering wilt laten blijken met een kleine bijdrage: dat kan! Je kunt me ook met een vast per bedrag per maand steunen: klik dan hier. Zo help je onafhankelijke journalistiek in stand houden.

Mijn gekozen donatie € -