Home > persoonlijk > Een hond als anker in de rechtbank
persoonlijk

Een hond als anker in de rechtbank

Het is op het eerste gezicht een wat raar gezicht. Een hond in de rechtszaal, op zijn dooie gemak snuffelend aan de stoel van de officier van justitie. Rustig zijn weg vervolgend, achter de rechter langs en weer naar zijn baas. Maar deze hond mag in de rechtbank zijn en hij brengt rust in een woelige wereld. Ook in mijn hoofd.

Dit is misschien een wat zacht verhaal, mogelijk bent u het niet gewend om te lezen over de waarde van een dier in de rechtbank. Daar waar het doorgaans hard tegen hard gaat. Waar de emoties makkelijk oplaaien en er bijna altijd strijd is.

Toch ga ik dit verhaal vertellen, al was het maar omdat ook de buitenkant van rechtszaken niet is wat het lijkt. Ook (eigenlijk: juist) in rechtszaken zit empathie, warmte, begrip en erkenning. De hond in de hoek van de rechtszaal neem ik als symbool voor dit verhaal.

Het beestje in kwestie is een zwarte Labrador en hij (of zij) duikt met enige regelmaat op in de rechtszalen van de rechtbank in Amsterdam. Meestal ligt het beest met zijn snuit op zijn voorpoten in de buurt van zijn baas, een griffier met een visuele beperking. Soms kuiert de Labrador vanaf zijn standplaats rustig achter de rechter of rechters langs, naar de vaste plek van de officier van justitie. Om daar net zo rustig, na even gesnuffeld te hebben aan de stoel van de aanklager, weer te gaan liggen.

Als vaste ‘klant’ van de rechtbank in Amsterdam heb ik zo hier en daar wat informatie opgevangen over de zwarte Labrador. Maar eigenlijk doet dat er niet veel toe. Omdat de hond in kwestie voor mij veel meer symbool staat voor mijn eigen beleving van een rechtszaak. Ik ben tenslotte een rechtbankverslaggever, ik probeer verslag te doen van alles wat ik zie en hoor.

En je ontkomt er dan ook soms niet aan om te benoemen wat je eigen gevoel is, hoe je zelf zaken ziet en waarom je schrijft wat je schrijft.

Anker

Voor mij is de hond een anker in de rechtszaal. Zeg maar een rustpunt. En dat is ook niet zo gek, want de meeste rechtszaken kenmerken zich door zichtbare en ‘onzichtbare’ strijd. De zichtbare strijd uit zich in scheldpartijen, agressie, haat, bedreigingen en het gooien van bijvoorbeeld stoelen.

Hoewel je het misschien niet zou verwachten, vind ik de ‘onzichtbare’ strijd eigenlijk veel heftiger. Het is voortdurend te voelen door de heftige emoties die in veel zaken spelen. De ingehouden emoties, de bijna tastbare sfeer van de lange voorgeschiedenis voor er überhaupt een rechtszaak was. Een verdachte die met zichzelf worstelt, nabestaanden of gedupeerden die vechten tegen de wereld en zichzelf.

Soms is de onzichtbare strijd pijnlijk zichtbaarder dan de zichtbare strijd.

In de twintig jaar dat ik nu als rechtbankverslaggever werk, heb ik meer dan 9000 zaken gedaan (ja, opa vertelt) en in mijn hoofd staan veel heftige emoties die bij die zaken horen. Er staan bovendien nog veel meer emoties die niet meer zo makkelijk op te roepen zijn, maar soms ineens opduiken. Vaak als je het niet verwacht.

Sta mij toe even verder af te dwalen, ik kom zo weer op de hond terug. Beloofd.

Nog niet zo lang geleden dook er in mijn hoofd ineens een vader uit Duitsland op die zijn zoon jaren en jaren geleden was verloren door een motorongeluk. De man sprak toen tijdens de rechtszaak tegen een verdachte die beweerdelijk verantwoordelijk was voor de dood van de jongen. De woorden van de vader gingen door merg en been. Over niet te dragen gemis. Over dat het leven nooit meer zal zijn zoals het was.

Ik weet wel waarom dat verhaal ineens in mijn hoofd opdook, maar daar gaat het nu even niet om.

Waar het wel om gaat is dat ik dit soort verhalen heel erg vaak heb gehoord. Verhalen over enorme deuken in de ziel van een gezin, stoelen die tijdens verjaardagen altijd leeg zullen blijven, over dierbare sms’jes en laatste voicemails die bewaard moeten blijven, over mensen die nog iedere dag opstaan met de gedachte dat hij of zij straks vast de telefoon weer op zal nemen. Omdat het niet anders kan. Omdat de gedachte aan een eeuwig afscheid gewoon helemaal niet te dragen is.

Opvallend genoeg koppel je als mens emoties ook moeiteloos aan emoties die elders zijn opgedaan. Zo hoorde ik ooit een gebroken vader vertellen op de begrafenis van zijn door zelfmoord omgekomen dochter. Hij sprak over de moeilijke relatie met haar en haar onbegrijpelijke problemen. Hij verhaalde over de laatste keer dat hij haar écht in zijn armen hield en dat die laatste keer nog niet zo lang geleden was.

Het was die keer dat ze koud in zijn armen lag. Stijf. Dood. De vader vergeleek op de begrafenis die ervaring met een van de laatste keren dat hij zijn dochter oprecht kon omarmen. Toen ze nog heel erg jong was. En wel warm.

Dat beeld deed het hem. Het beeld van een vader die ziet hoe zijn dochter van hem af is gedreven. Hoe hij de controle verloor en niet tot haar door kon dringen. Geen invloed en dan dit resultaat.Schuld. Verdriet. Onmacht. Woede. Spijt.

Dat komt bij mij dan dus wel even binnen. Hoe gelaagd kan een uitspraak zijn? Hoe intens verdrietig en toch pijnlijk mooi duidelijk?

Emoties

Maar goed, wat moet je als rechtbankverslaggever eigenlijk met emoties?

Eenmaal in de rechtbank heb ik een virtuele pet op en op die pet staan de letters verslaggever. Daarom is het leed wat ik hoor, niet mijn leed. Het hoort niet bij mij, ik vind als verslaggever dat ik het leed van een ander niet op mijzelf moet betrekken. Ik doe mijn ding, ik sta op, verlaat de rechtbank en heb de luxe om ervoor weg te lopen. Toedeledokie, niet mijn probleem…

Maar helaas. Ik kan er hier heel erg tof en stoer over lopen doen, maar onder die pet zit wel een mens. Iemand die het liefst zijn tranen laat lopen als een vader een vreselijk, maar tegelijkertijd prachtig verhaal vertelt over emoties die zo rauw en echt zijn dat geen in de jaren opgebouwde muur er tegen bestand is. Emoties zijn best goed te dragen als ze niet binnenkomen. Als ze niet persoonlijk worden. Als ze dat wel doen, dan moet je van keihard staal zijn om ze buiten te houden.

En ik ben niet van keihard staal.

Terug naar de hond.

Ik zie de hond helaas niet zo heel erg vaak, maar als ik het beestje zie, dan voel ik een enorme rust over mij heen komen. Omdat de hond op dat moment een enorme rust uitstraalt. Wat er ook gebeurt, hoe heftig de emoties ook zullen zijn, de hond blijft in mijn beleving doen wat hij altijd doet. Rustig liggend naast zijn baas.

Ook de hond heeft een functie. Hij helpt zijn baas daar waar hij kan en als zijn functie niet nodig is, dan legt hij zich neer. Dan staat hij in mijn beleving even uit.

Precies zoals een rechtbankverslaggever in sommige zaken ook heel graag even uit wil staan.

Waardeer dit artikel!

Als je dit artikel waardeert en je waardering wilt laten blijken met een kleine bijdrage: dat kan! Je kunt mij ook met een vast per bedrag per maand steunen: klik dan hier. Zo help je onafhankelijke journalistiek in stand houden.

Mijn gekozen donatie € -