analyse

Weg met die anonimiteit online

Het internet is een prachtige uitvinding. Gebruikers over de hele wereld staan met elkaar in contact en informatie is nog nooit zo snel te vinden. Maar het mondiale web heeft ook een duistere kant, waardoor samenlevingen en individuen schade oplopen. Is de tijd rijp om het internet aan banden te leggen? Moet het verboden worden om anoniem deel te nemen?

Deze maand presenteerde het Rathenau-instituut een lijvig rapport getiteld Online Ontspoord, een verkenning van schadelijk en immoreel gedrag in Nederland. Een onderzoek op aanvraag van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Justitie en Veiligheid.

De conclusies liegen er niet om. Nederlanders lopen online een niet te onderschatten risico om slachtoffer te worden. Het internet kan volgens het rapport schadelijk zijn voor individuen, groepen en de samenleving als geheel. Criminelen en onverlaten hebben er inmiddels een arsenaal aan middelen om een ander fors te beschadigen. Van wraakporno, sextortion, shaming, laster, stalking, haatzaaien, doxing, identiteitsfraude, hacking en nepnieuws tot kwakzalverij, cyberpesten en grooming.

Ontwrichting

Er wordt in het rapport zelfs gesproken over ‘maatschappelijke ontwrichting door de verspreiding van complottheorieën en desinformatie’. De afgelopen jaren hebben helaas geleerd dat dit nu de realiteit is. Van een door nepnieuws gedreven schietpartij in een pizzeria in Washington en miljoenen mensen die nog steeds geloven in gestolen verkiezingen tot grafschennis in de gemeente Bodegraven. Het is niet voor niets dat de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) in Nederland vreest dat eenlingen door online gepubliceerde complotwanen over zullen gaan tot geweldsdaden.

De elementen die schade veroorzaken door het internet spreken voor zich. Zaken als wraakporno, identiteitsfraude en stalking verwoesten levens van slachtoffers. Online fraude is de afgelopen jaren met tientallen procenten gestegen. Sinds 2017 stijgt cybercrime hard in de statistieken.

Alledaagsheid

Het moderne internet is potentieel schadelijk door een giftige mix aan factoren, die elkaar versterken. Velen brengen een aanzienlijk deel van de dag door achter een beeldscherm en delen met het grootste gemak zaken over zichzelf en anderen die vroeger privé bleven.

Of zoals de onderzoekers het zelf zeggen: ‘door het alledaagse van internetgebruik zijn de consequenties ervan haast onontkoombaar geworden. De toegankelijkheid van het internet maakt het bovendien erg eenvoudig om normen te overschrijden’

Syndicatie

De dynamiek van syndicatie en echo-chambers speelt ook een rol, met name in de ontwrichting van samenlevingen en het vertrouwen onderling. Syndicatie wil zeggen dat het gemakkelijk is geworden om gelijkgestemden te vinden. Die groepen kunnen een kritieke massa bereiken, waardoor er overgegaan kan worden tot schadelijk gedrag in de fysieke wereld.

Het fenomeen echo-chambers betekent dat mensen die enkel in aanraking komen met informatie die zij voor waar aannemen, telkens worden bevestigd in hun eigen wereldbeeld. Corona-ontkenners bijvoorbeeld die in hun eigen Telegram en Facebook-bubbel louter hun eigen denkbeelden terugzien. En daardoor bijvoorbeeld afzien van noodzakelijke coronaregels of een vaccinatie.

Grote techbedrijven jagen deze dynamiek bewust aan, door gebruikers van bijvoorbeeld YouTube steeds content aan te bieden op basis van eerdere zoekslagen. Bij complotdenkers zien we dit sterk terugkomen. Wie eenmaal interesse toont in complotten, krijgt automatisch een oneindige reeks filmpjes over complotten voorgeschoteld. Het algoritme zuigt een gebruiker zo steeds verder de fabeltjesfuik in. De waan wordt de werkelijkheid.

Hier komt nog bij dat het internet onbeheersbaar is. Als informatie openbaar is, kan iedereen het oneindig delen en is het niet meer te verwijderen.

Aandachtseconomie

Een ander belangrijk punt is volgens de onderzoekers van het Rathenau-instituut de aandachtseconomie. Mensen verdienen geld aan views, waardoor extremere content loont. Een verdiepende uitleg over de werking van een vaccin wordt weggedrukt door spectaculaire filmpjes vol explosies en ongelukken. Een schuimbekkende Robert Jensen heeft een aanzienlijk groter publiek dan een genuanceerde wetenschapper of debunker van nepnieuws.

Alsof dit allemaal nog niet erg genoeg is, blijkt uit onderzoek ook dat velen de fysieke wereld en de online-wereld nog steeds scheiden waar het ethische grenzen betreft. Een twitteraccount bedreigen of beledigen voelt voor sommige mensen niet hetzelfde als een echt persoon bedreigen. Hierin speelt anonimiteit een grote rol. Uit onderzoek (Vince 2018) blijkt dat anonimiteit ertoe leidt dat daders het risico op schade voor zichzelf laag inschatten en eerder geneigd zijn om onethische keuzes te maken.

Hier komt nog eens bij dat internetgebruikers vaak alleen achter de computer of telefoon zitten, waardoor begeleiding of correctie door anderen geen rol speelt.

Schadelijk

Het internet lijkt soms wel ontworpen voor schadelijk en immoreel gedrag. Maar wat is ertegen te doen? De afgelopen jaren hebben meerdere landen wetten ingevoerd. In Nederland is een wet gekomen tegen sextortion en er zijn vergevorderde plannen om doxing strafbaar te maken. In Europees verband wordt gewerkt aan een initiatief om haatdelicten beter strafrechtelijk aan te kunnen pakken.

De onderzoekers van het Rathenau-instituut constateren ook dat er wel initiatieven zijn om ongewenst gedrag online te bestrijden, maar zien ook dat veel maatregelen vooral reactief zijn.

Ze zijn met name gericht op de bestrijding van symptomen van schadelijk en immoreel gedrag, en nauwelijks op de onderliggende mechanismen’

Er wordt dus vaak pas actie ondernomen als het al te laat is.

Uit het beeld dat experts en literatuur schetsen over de omvang van dit soort fenomenen, blijkt dat Nederlanders online een niet te onderschatten risico lopen om slachtoffer te worden van schadelijk gedrag, of er zelf in af te glijden. Uit ons onderzoek blijkt dat burgers op het internet onvoldoende beschermd zijn en dat daardoor grondrechten in het geding komen’

Maatregelen

Op basis van het rapport komen de onderzoekers met een groot aantal aanbevelingen. Ik zal er een paar van beschrijven, zonder volledigheid na te willen streven.

Ten eerste zou de overheid meer grip moeten krijgen op het bereik van content. Als techbedrijven transparanter zijn over hun algoritmes (wie krijgt wat te zien), kan een toezichthouder dit monitoren en controleren. De overheid zou daarnaast via subsidies en aanbestedingen de ontwikkeling van ethische tools kunnen stimuleren, die het ontstaan of escaleren van problematisch gedrag kunnen voorkomen. Zoals bijvoorbeeld tools voor leeftijdsindicatie, (upload) contentfilters of detectiesoftware.

Identificatie

Om het probleem met anonieme daders te kunnen aanpakken zou de overheid volgens de onderzoekers een vorm van online identificatie kunnen verkennen. Online identificatie maakt opsporing, bestraffing of vergelding beter mogelijk en kan daarmee een afschrikkende werking hebben’

Hoewel het bestrijden van anonimiteit nadelen kan hebben (voor klokkenluiders bijvoorbeeld) is het een veelgehoorde wens op bijvoorbeeld Twitter. De grootste ratten op dat sociale platform zijn immers de anonieme lafbekjes die niet geremd door een geweten of verantwoordelijkheidsgevoel anderen belagen en belasteren.

Een andere maatregel is internationale samenwerking bij de handhaving. Nu is het nog erg lastig om een website of video vol desinformatie aan te pakken als de organisatie achter de site in een ander land zit. Schadelijke filmpjes die bijvoorbeeld op YouTube worden verwijderd, duiken nu weer snel op bij minder ethisch opererende broertjes als Bitchute. Als Twitter actie onderneemt tegen nepnieuws, duikt een bedrijf als Parler in het gat.

Meldpunt

Slachtoffers van ongewenst gedrag op het internet staan er volgens de onderzoekers bovendien nu nog te vaak alleen voor. De overheid zou dan ook een nationaal meldpunt op kunnen richten waar slachtoffers van online immoreel en schadelijk gedrag terecht kunnen. Een dergelijk meldpunt is er al voor discriminatie (MiND). In dat model beoordelen officieren van justitie een melding, waarna aan een betreffend internetplatform gevraagd kan worden de content te verwijderen. De klachtenprocedures bij de platforms zelf schieten volgens de onderzoekers meestal tekort. Een veelgehoorde klacht onder mensen die last hebben van internetterreur; providers en sociale mediaplatforms verschuilen zich te vaak achter de idiote redenering dat ze slechts een doorgeefluik zijn.

Anoniem

Het grootste en gevoeligste debatpunt zit hem in de anonimiteit. Hoewel je altijd goed moet kijken naar de waarde van bijvoorbeeld anonieme klokkenluiders, kun je er niet omheen dat akelig veel problemen ontstaan omdat laffe daders er mee weg kunnen komen. Online fraude bijvoorbeeld bestaat puur door anonimiteit en/of het aannemen van een valse identiteit. Haat online is doorgaans het werk van onvolwassen en gefrustreerde mensen die zich onbespied wanen en geen verantwoording af willen leggen.

Het lijkt ook wel alsof veel mensen het nog steeds een recht vinden om online anoniem actief te zijn en goed bekeken is dat best raar. Om aan het verkeer deel te nemen is het verplicht om een naar een persoon herleidbaar kenteken te voeren. In de openbare ruimte moet iedere Nederlander een identiteitsbewijs kunnen tonen aan het bevoegd gezag. Hoewel we het online kennelijk normaal vinden, zou het best raar zijn als we in het uitgaansleven allemaal met een masker op rondlopen en met vervormde stem een aandeel eisen in gesprekken.

Registreren

De angst voor registratie zit er blijkbaar diep in. Maar waar je ook kijkt, ons laten registeren is aan de orde van de dag. Om een huis te huren, geld te lenen, een auto te bezitten of een bank te bestellen. Zelfs bij het pinautomaat en op de snelweg kijkt een camera met ons mee. Mensen die een telefoonabonnement of internetabonnement afsluiten moeten hun persoonsgegevens achterlaten en zelfs voor het lenen van een boek moet de bibliotheek weten wie je bent.

Toch zijn er ook genoeg mensen die inmiddels van mening zijn dat registratie online wenselijk is. In een onlangs gehouden klein onderzoek was maar liefst 88% van de ondervraagden er voor om alleen te mogen reageren als je identiteit, al dan niet aan de achterkant, bekend is.

Uiteraard zitten er best wat haken en ogen aan een registratie. Hoe je het precies regelt, is dan ook aan deskundigen op het gebied van recht en privacy. Een dergelijk systeem moet ook absoluut waarborgen hebben. Maar het zou al een begin zijn als we er serieus over na gaan denken. Wat mij betreft moet het mogelijk blijven om zo anoniem mogelijk informatie te vergaren, maar wie actief deelneemt aan het debat of het economische verkeer online dient zich in ieder geval op de achtergrond controleerbaar kenbaar te maken.

Identiteit

De tijd is rijp om een systeem te bedenken waarbij online gebruikers ergens persoonsgegevens achterlaten, waardoor het in nijpende en strafbare situaties mogelijk is om iemands identiteit relatief makkelijk te achterhalen.

Hoewel ik persoonlijk meen dat je altijd met open vizier deel moet nemen, is het niet realistisch om 100% zichtbaarheid te realiseren. Als je er lafjes voor kiest om als @GekkeHenkie837654 door het leven te gaan met een profielfoto van een hond om zo vanaf de bank gemakzuchtig anderen de maat te nemen, dan moet dat mogelijk blijven.

Het moet echter tegelijkertijd mogelijk zijn om diezelfde Gekke Henkie gemakkelijker verantwoordelijk te kunnen houden voor wangedrag. Niet alleen om verantwoording achteraf mogelijk te maken, maar ook om potentiële daders af te schrikken. Haten is toch iets minder comfortabel als er consequenties aan kunnen zitten.

Consequenties

In de fysieke wereld hebben acties consequenties. Als je je in een kroeg als een malloot gedraagt, loop je het risico aangesproken te worden op je daden. Wie steelt, kan worden aangehouden. Als je op straat iedereen uit gaat schelden, loop je de kans op een stevige reprimande of een knal voor je kop. Dat zou in een online omgeving niet wezenlijk anders moeten zijn.

Helemaal waterdicht zal dit nooit zijn en het opheffen van anonimiteit is geen wonderdoekje, maar als bijvoorbeeld Twitter de twee-staps-verificatie verplicht stelt en iedere gebruiker dus een telefoonnummer moet registreren, wordt er al een barrière opgeworpen voor idioten die er hun levenswerk van maken om anderen te belagen, stalken en bedreigen. Zoals Google sinds 2014 die verificatie al verplicht heeft gesteld.

Voor de vrijheidsstrijders onder ons: deelname aan Twitter of Facebook is geen plicht of mensenrecht. Mensen die er moeite mee hebben om gegevens over te dragen aan een bedrijf (of overkoepelende organisatie), kunnen prima afzien van deelname. Ik ben nog uit de tijd dat ieders telefoonnummer met naam, toenaam en woonadres in dikke boeken huis aan huis op de mat plofte, maar goed.

Dictatuur

Natuurlijk zitten er haken en ogen aan het opheffen van de anonimiteit op het internet. Burgers die zuchten onder een dictatuur zullen er niet blij mee zijn. Maar het is ook een slecht idee om ons in democratische landen te laten gijzelen door landen waar nauwelijks tot geen vrijheid bestaat en je ook anoniem beslist niet veilig bent. Het staat ons in de Europese Unie bijvoorbeeld vrij om het internet veiliger te maken door consequenties van ongewenst gedrag meteen en effectief te verbinden aan een persoon.

Het internet is niet langer een leuke tool waar mensen speels wat informatie op kunnen zoeken, het is op bijna alle vlakken (helaas ook de misdaad) een essentieel en onontkoombaar onderdeel geworden van onze samenleving en zou dan ook moeten werken volgens de regels van een open samenleving.

Dat betekent ook dat acties online consequenties moeten hebben. Anonieme toetsenbordridders die het debat vervuilen en criminelen die anderen willens en wetens proberen te beschadigen dienen niet meer weg te kunnen komen met hun kwaadaardige en laffe acties.

Waardeer dit artikel!!

Als je dit artikel waardeert en je waardering wilt laten blijken met een kleine bijdrage: dat kan! Je kunt mij ook met een vast per bedrag per maand steunen: klik dan hier. Zo help je onafhankelijke journalistiek in stand houden.

Mijn gekozen donatie € -

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Delen